Bergkristal een talisman


‘Mam, ik mag toch wel leren lezen en schrijven?’ vroeg Parel, terwijl ze het bergkristalletje, dat ze in de zak van haar jurk had verstopt, vasthield. Ooit lang geleden zomaar ergens in de straat op de grond gevonden. De edelsteen had haar nog nooit in de steek gelaten. Ze moest haar kans grijpen nu haar moeder in een goede bui was. Het was druk in de kroeg, de kassa rinkelde onophoudelijk. Parel had niet gezeurd en haar moeder met van alles en nog wat geholpen.

Het eiland was al maanden afgesloten van het vasteland, omdat het meer bevroren was tijdens de strenge, koude winter. Veel kooplieden hadden dan eindelijk de tocht over het ijs met hun paard-en-wagens aangedurfd. Haar moeder keek op en zuchtte theatraal.

‘We hebben geen geld en bovendien is dat iets voor jongens. Hou er over op.’ Parels hart bonkte opstandig, maar ze hield teleurgesteld haar mond. Ze wilde nu eenmaal niet haar leven slijten op het Eiland van Jutta. De meisjes van het eiland werkten als dienstmeisje of als wasvrouw. Of nog erger: ze moesten trouwen en een zooitje kinderen krijgen. Niet bepaald de ambitie van Parel.
Ulla, de elfenstad, op het vasteland, lonkte naar haar. Parel had maar een doel: schrijver worden. In Ulla was een schrijversacademie en om te worden toegelaten moest ze een kort verhaal inleveren en een voordracht houden. Maar Parel had dus een probleem: ze kon niet lezen en schrijven. De vrouw van de dominee gaf aan vijf jongens les in lezen en schrijven. Parel had zo eens geïnformeerd en de vrouw had gezegd: ‘Praat eerst maar eens met je ouders.’
Parel wreef hard over een glas en verzamelde al haar moed bij elkaar. Nog een keer dan maar. ‘Pas op dat je het niet breekt,’ mopperde haar moeder.
‘Ik doe heus voorzichtig,’ zei Parel stekelig en pakte een volgend glas. Haar vader kwam de keuken in, en liep naar achteren om een nieuw vat bier te halen. In het voorbijgaan kneep hij grijnzend in de billen van zijn vrouw. Haar moeder lachte en flirtte met hem. Parel keek geërgerd weg; ze haatte het als haar ouders zo deden. Ze had totaal geen behoefte aan hun geflirt. Toen haar vader weer naar de bar was, gooide ze het over een andere boeg.

‘En als ik nu eens ergens ging werken, mijn eigen geld verdien en de lessen zelf betaal.’
‘Hou op met zeuren over die rotlessen,’ mopperde haar moeder en rolde met haar ogen.
‘Ik zou maar wat trots zijn op mijn dochter als zij naar school wilde,’ zei haar tante, die binnenkwam om de schone vaat mee te nemen. Haar tante was de zus van haar moeder en stond achter de bar als het druk was. Parel lachte van oor tot oor. Haar tante steunde haar, zij zou haar ouders wel overtuigen.
‘Wat sta jij nou stom te lachen?’ riep haar moeder naar haar. Parel stopte meteen, bloosde en haalde haar schouders op. Toen kwam haar vader binnen die op het tumult was afgekomen. Nu waren haar kansen helemaal verkeken.
‘Wat is er?’ vroeg haar vader.
‘Die dochter van jou,’ zei haar moeder zeurderig.
‘Heeft groot gelijk dat ze naar school wil,’ vulde haar tante aan en knipoogde naar Parel.
‘Daar hebben we het nog wel over,’ ontweek haar vader de opmerking.
Het duurde nog ruim een half jaar voordat de kogel door de kerk was. Nadat haar tante met haar vader had gesproken, ging hij samen met Parel schoorvoetend naar de pastorie.
‘Ik begreep dat u lessen geeft in schrijven en lezen,’ zei haar vader. Zijn gezicht was vuurrood. Parel had bijna met haar vader te doen.
‘Uw dochter krijgt van mij les onder één voorwaarde,’ zei de vrouw van de dominee.
‘En dat is?’ vroeg haar vader.
‘Dat zij bij mij in de huishouding komt werken.’ Hij keek zijn dochter aan die driftig knikte. De vrouw van de dominee glimlachte vriendelijk naar hem.
‘Dat lijkt mij geen probleem,’ zei haar vader, die het gevoel had vreselijk in het ootje te zijn genomen. Maar hij kon nu niet meer terugkrabbelen, hij had zijn toestemming al gegeven. Vanaf dat moment werkte Parel iedere dag in de pastorie en volgde in de avond de lessen. Ze genoot van elke minuut van de dag, het bergkristal brandde in de zak van haar jurk. Binnen een jaar kon Parel lezen en schrijven en lag de weg naar Ulla voor haar open. Niets en niemand zou haar stoppen. Parel stond ongeduldig te wachten op de veerboot naar het vasteland. Haar ouders waren er niet, alleen haar tante en de vrouw van de dominee zwaaiden haar uit. Na een kort afscheid stapte ze op de boot en liep direct door naar de voorsteven. Ze draaide zich niet meer om, ze wilde vooruitkijken, naar de toekomst, naar de nieuwe stad.

In de eerste jaren verliepen voorspoedig. Parel snapte het niet, maar telkens, als ze het bergkristal vasthield, gebeurde er iets. Iets positiefs. Een ingeving voor een vastgelopen verhaal. Het huurcontract van een kamer in Ulla. Een goed cijfer voor een gedicht. Uiteindelijk vertrouwde ze alleen nog maar op haar talisman. Ze raakte in de war als het anders liep dan zij zich had voorgesteld. Al haar aandacht ging naar haar lessen op de schrijversacademie. Ze zorgde er wel voor dat ze haar werk in de winkel niet verzaakte. Al gauw was ze het lievelingetje van iedereen. En toen sloeg het noodlot toe. Hoewel ze cum laude was geslaagd, werd haar droom geen werkelijkheid. Niemand nam een onervaren verhalenverteller in dienst. Bovendien kende ze te weinig mensen die haar zouden kunnen voordragen aan het Hof. De edelsteen was niet de talisman meer waarop ze had gehoopt. Parel liet haar droom varen en leefde een saai, geregeld leven. Het schrijven van verhalen werd een leuke hobby. Het bergkristal lag gewoon op een tafeltje in haar kamer. Te wachten op het juiste moment.

Op een avond liep ze van haar werk terug naar huis, en zocht in de zak van haar jas naar haar huissleutels. Tot haar stomme verbazing had ze het bergkristal in haar handen. Die had ze zeker vanochtend gewoon in haar jaszak gestopt. Ze haalde haar schouders op en keek de straat uit. Aan het einde van de straat begon de wijk waar de elfen woonden. Er gingen geruchten dat zij alles wisten van edelstenen. Parel liep doelbewust de straat uit. Het was nu of ze deed het nooit meer. Haar voeten leken te weten hoever ze moest lopen, want ze bleef stilstaan voor een groene, houten deur die op een kier stond. Ze duwde de deur zachtjes open en schrok toen ze een vrouwenstem hoorde.
‘Parel, ik had je al verwacht,’ begroette de vrouw haar vriendelijk.
‘Ik had een droom,’ begon Parel zachtjes.
‘Een mooie droom. Schrijver worden,’ zei de elf.
‘Alleen. Dat ben ik niet. Het lukte niet,’ stamelde Parel. Tranen prikten achter haar ogen.
‘Ik dacht dat het bergkristal me zou helpen, maar het ging helemaal fout. Ik doe er niets meer mee. Ik ben hem vergeten.’
‘Je hebt hem bij je. Vergeten doe je hem nooit. Je hebt hem niet voor niets gevonden. Hij hoort bij jou. Je bent een verhalenverteller, Parel. Het bergkristal leert je de wijsheid die in
jou leeft. Als jij de weg volgt van je hart, zal de poort zich voor je openen. Het enige dat jij hoeft te doen, is te vertrouwen op jezelf.’
Alsof alles in de droom was gebeurd, huppelde ze ineens terug naar huis. Ze glimlachte voor het eerst weer na een lange tijd.

Dat was het! Vertrouwen houden! Opnieuw beginnen! Verhalen vertellen! Ze hield haar bergkristal stevig vast en nam zich voor hem nooit meer te vergeten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Name *