Heeft die functie van leider, the chosen one of de antiheld? Ieder personage is een fantasierijk wezen dat we menselijke trekjes meegeven. Zelfs een demon kan menselijk zijn. We doen dit omdat de lezer ook in fantasy graag leest over mensen. Die wil zich
kunnen herkennen in de hoofdpersoon en mee op avontuur.
De fantasywereld en de personages
Als je de feiten van de wereldopbouw kunt delen met de lezer, dan doe je dat ook met gedachten, emoties en gevoelens. De lezer wil immers de personages leren kennen.
Ik maak onderscheid tussen verschillende soorten informatie over een personage:
- afkomst
- opvoeding
- rang en stand
- persoonlijke groei en falen
- gedachten
- emoties en gevoelens
- mening
- visie
- (voor)oordeel
- hobby’s
In personagegedreven verhalen is de kans groot dat je veel schrijft over de innerlijke wereld van jouw personage. Dit soort verhalen nodigen hiertoe uit. Vergis je niet: ook in de meer actie- en plotgedreven verhalen is het van belang om de personages smoel te geven.
Emoties en gevoelens van fantasypersonages
Als je het over de personages hebt in je boek, schrijf je over het karakter. Het karakter wordt gevormd in het verleden, heden en de toekomst. De lezer leert jouw hoofdpersonage kennen via keuzes, beslissingen en gedrag.
Daarom is het schrijven in de show, don’t tell-stijl relevant: juist die stijl laat zien en horen hoe zij, hen of hij reageert. Het is heel fijn als de lezer de personages goed leert kennen, zodat die met hen meeleeft en misschien zelfs moet huilen bij groei en falen. Je zoekt naar die immersie in je tekst om de lezer het verhaal in te trekken.
Het risico van de emotie-infodumphal
Maar er is ook zeker een risico in het beschrijven van emoties en gevoelens. Het kan namelijk te veel worden. Ik heb het dan over de emotie-infodumphal.
Personages komen in actiescènes terecht waarin wordt gevochten, gevreeën en risico’s worden gelopen. Emoties te over. Alleen dat delen van de emoties en gevoelens is geraffineerd, want het zit ‘m in het denken, voelen en doen. Afhankelijk van het gekozen vertelperspectief zit je dicht op de huid of sta je er verder vanaf. Hoe dan ook: wees waakzaam en alert!
Ook voor de emotie-infodumphal geldt: controleer de informatie op:
- Overbodig
- Essentieel
- Leuk-om-te-weten
Wat is overbodige informatie?
Een uitgebreide, gedetailleerde beschrijving van een uiterlijk of innerlijk kan te veel worden. Dit geldt ook voor diens afkomst, overtuigingen en (voor)oordelen over anderen. Vaak is deze informatie overbodig, omdat de lezer die achtergrond niet nodig heeft om jouw personages te leren kennen.
Wat is essentieel?
Essentieel zijn de cruciale keuzes en beslissingen op de momenten van zelfinzicht, groei en falen. Angstmomenten waarin je schrijft over de diepe put en teleurstellingen moeten uiteindelijk leiden tot inkeer, spijt en berouw. Dan schrijf je over groei.
Is het thema “anders zijn dan de rest”? Dan is het essentieel om hier aandacht aan te besteden en daar met beleid over te schrijven. Als je merkt dat je die angst in één hoofdstuk helemaal leeg schrijft, trek dan een rem op. Doseer die emotie juist over het verloop van je hoofdstukken, zodat het meandert door het hele verhaal. Gedoseerd over de hoofdstukken brengen is een bekende truc.
Wat is leuk-om-te-weten?
Dit is bijvoorbeeld de belangstelling voor schilderkunst, tuinieren of paardensport. Informatie die iets zegt over de hobby’s. Komt het één keer voor, dan kan het zijn dat het niets bijdraagt aan de scène en kun je het schrappen. Zegt de hobby iets over het karakter, dan heeft deze zeker een functie.
De grens van de therapiesessie
De grens ligt bij de therapiesessie: heb je de neiging om een psychologische verhandeling te schrijven, dan ga je de deur door van de emotie-infodumphal. Je merkt dat je deze grens overgaat op het moment dat je personage in cirkels blijft denken over hetzelfde trauma, terwijl de wereld om hem heen even stilstaat en de actie volledig stilvalt. Op dat moment duik je zo diep in de psyche van je personage dat het de lezer kan vermoeien en/of verwarren.
Het moment van de emotie-infodumphal gebeurt ook als je scène na scène schrijft over innerlijke monologen en gedachten.
Dit is vooral bij het ik-vertelperspectief een valkuil omdat je zo dicht op de huid zit. Dan bestaat het gevaar dat je elke flinter aan gedachte wilt delen met de lezer. Ook hier geldt: je bent geen therapeut voor de personages.
Hoe groter de toegang tot de innerlijke wereld, hoe groter de verleiding om die toegang volledig te benutten. Bij een ik-verteller kun je immers vrijwel onbeperkt:
- denken;
- analyseren;
- herinneren;
- interpreteren;
- verklaren;
- voelen.
Daardoor kan de tekst ongemerkt veranderen van leeservaring naar verslag van de ervaring naar analyse van de ervaring. En dan kom je uit bij de “therapiesessie”.
Schrik je hiervan? Pas dan deze simpele als/dan toe: als je betrapt dat je elke losse gedachte uitlegt, dan haal je personage direct uit zijn hoofd en zet je hem of haar aan het werk in de fysieke wereld.
Samenvattend
Het karakter van een personage hoeft niet volledig te worden uitgelegd om volledig te kunnen worden ervaren. Je hebt een compleet psychologisch dossier van het personage, maar de lezer heeft dat dossier niet nodig om immersie te ervaren.
De lezer heeft voldoende betekenisvolle informatie nodig om het gedrag van het personage te ervaren, begrijpen en interpreteren. Zodra jij alles wat je over het personage weet aan de lezer begint te overhandigen, ontstaat het risico van de emotie-infodump.
Eigenlijk pas je dezelfde werkwijze toe als bij het delen van de feiten van de wereldopbouw. Ook dan loert altijd het risico van de infodump.